Omdat die baan en de bijbehorende reistijd niet meer te combineren waren met haar gezin, stopte ze in 2002 om aan de slag te gaan als freelance woonstyliste. Ze geeft tegenwoordig kleur- en stylingadviezen aan particulieren, maakt vrije producties voor verschillende tijdschriften, en heeft een boek uitgegeven: Buitenkamers.
Diny vertelt: ‘Toen ik in 1982 bij Ikea aan de slag ging waren ze net in Nederland van start gegaan. Een ontzettend leuke tijd want er kon en mocht veel. Zo werd ik opgeleid door Zweedse decorateurs in de Ikea-stijl en dat was in die tijd vernieuwend. Maar na tien jaar, waarin ik op zo’n beetje alle afdelingen en ook in het buitenland had gewerkt, had ik het gezien. Net in die periode las ik een advertentie van het woontijdschrift Doe-Het-Zelf Woonideeën, waarin ze een woonredacteur vroegen. Na een paar jaar werd ik coördinator van het blad en ik heb er uiteindelijk elf jaar met ontzettend veel plezier gewerkt.’
Op haar eenenveertigste werd ze moeder. ‘Hoe leuk ik het werk ook vond, het was niet meer te combineren met het moederschap. Ik besloot in 2002 te stoppen bij 101-Woonideeën en voor mezelf te beginnen als woonstyliste. Een moeilijke beslissing, want dat blad was toch een beetje mijn kindje. En het is natuurlijk ook een spannende beslissing, vanuit een betaalde baan voor jezelf te beginnen,’ aldus Diny.
Toch lijkt het haar als freelancer goed te lukken. Een groot deel van haar tijd wordt in beslag genomen aan het geven van woonadviezen aan particulieren. Ze vervolgt: ‘Ik voer complete metamorfoses uit. Ik maak altijd een kleurplan voor verf, gordijnen en vloerbedekking, want daar lopen de meeste mensen op vast. Er zijn zo veel mogelijkheden op het gebied van kleur, dat ze door de bomen het bos vaak niet meer zien.’ Ze heeft onlangs nog een huis aangepakt waar heel veel kleurige meubels in stonden en waar alles behouden moest blijven. De bewoners wilden Diny’s advies over kleur op het houtwerk en muren. Diny: ‘Een lastige maar erg leuke klus. Want waar je voor op moet passen is dat het niet een villa kakelbont wordt. Ik heb uiteindelijk alle kleuren van de meubels na laten maken en die herhaalt op muren, deuren en raambekleding. Het resultaat is echt een harmonieus geheel geworden.’
BuitenkamersIn het voorjaar van 2005 is haar eerste boek verschenen, Buitenkamers. Een inspiratieboek met praktische tips voor het kiezen van stijl, kleur en sfeer. ‘Toen wij zelf een veranda bij ons huis wilden bouwen en ik op zoek ging naar boeken of tijdschriften over dit onderwerp, bleek er in Nederland niet of nauwelijks iets te zijn. Terwijl het een ontzettend populair onderwerp is en een droom van veel mensen. Ik besloot er zelf mee aan de gang te gaan en er een boek over te schrijven. Met vijf producties ben ik naar uitgever Mo’Media gegaan en zij waren direct enthousiast. Ik kon aan de slag. Er is veel tijd in Buitenkamers gaan zitten. De voorbereiding en uiteindelijke uitvoering heeft zo’n twee jaar gekost. Je moet op zoek naar locaties, bouwwerken die iets extra’s hebben en er moet iets over te vertellen zijn. Daarbij fotografeer je dit soort onderwerpen alleen bij mooi weer, dus zijn fotograaf John van Groenedaal en ik de zomers van 2003 en 2004 op pad geweest. Het leuke was dat iedereen die ik benaderde enthousiast was om mee te werken. Men is echt trots op het zomerhuisje of serre. Wat ik gedaan heb is de sfeer die in de bouwsels al aanwezig was verder aandikken door middel van styling. Dus met stoffen, accessoires, meubelen, verlichting enzovoorts de boel opleuken en áfmaken.’
Buitenkamers is een boek geworden om bij weg te dromen, maar het zit ook vol praktische tips, recepten en ideeën om in je eigen huis of tuin het ultieme vakantiegevoel te krijgen.’Ik heb geprobeerd er meer van te maken dan alleen een “mooi plaatjesboek”. Zo staan er tips in hoe je met kleur en accessoires verschillende stijlen kunt creëren. Maar de lezer krijgt ook verschillende recepten die bij de diverse sfeerreportages passen. Zo is er een inpandige veranda in een naturelsfeer, die bij mij een typisch Hollands gevoel oproept. Daar hoort mijn moeders eigengemaakte appeltaart bij. Al jaren een topper in de familie en nu voorgoed vastgelegd voor het grote publiek in Buitenkamers,’aldus Diny.
InspiratieZo’n twee keer per jaar maken Diny, haar echtgenoot René en dochter Laurence een verre reis. ‘Tijdens zo’n reis doe ik ontzettend veel inspiratie op. Vorig jaar zijn we naar Marokko geweest. Wat een prachtig land! Die vergezichten, die ken je hier niet. Hier zie je altijd iets staan aan de horizon, maar dan kon je eindeloos kijken. En de kleuren. Staand op een berg zag je de rode aarde, een prachtige blauwe lucht en daartussen zo veel kleurschakeringen. Dat is met geen pen te beschrijven.’ Een andere inspiratiebron is Tricia Guild, grondlegster van het internationaal befaamde Designers Guild.
‘Wat zij doet met kleurencombinaties is bijzonder en uniek. Ze combineert niet voor de handliggende kleuren, daar houd ik van. Veel van haar ontwerpen zijn ontleend aan kleuren uit de natuur. En het klopt wat zij zegt in haar boek Passie dat kleuren uit de natuur nooit vloeken, de natuur is in evenwicht.
Inspirerend is ook architectuur, vormen en kleuren van gebouwen en gevels. De stad New York geeft mij energie, is bruisend met te gekke winkels, hotels en theaters.’
Individuele interieurs
Het interieur is erg belangrijk voor Diny, zowel thuis als wat betreft haar werk. ‘Ik wil me thuis graag omringen met mooie dingen, maar er moet wel in geleefd kunnen worden. Ik verander ons interieur regelmatig. Niet zo zeer de basis, we doen vrij lang met grote stukken, maar wel met kussens, accessoires, kleuren. Ik houd erg van mixen en contrasten, als een interieur te veel een stijl heeft dan verliest het z’n spanning. Dan wordt het te veel een showroom. Zo’n mix maakt het persoonlijk,’ aldus Diny.
Tekst Wilma Tjalsma, redacteur vakblad wonen
Beeld de Beeldredaktie/Martin Hogeboom